LEGE VESTE

Voor het eerst was ik in een lege Veste bij een competitiewedstrijd. En er was niks aan. De spelers van FC Twente en Feyenoord schreeuwden dat het een aard had. Maar helaas was er bijna geen woord van te verstaan op de perstribune. Alleen het woordje ‘heej’, wat verreweg het vaakst geschreeuwd werd, kwam duidelijk door. Het fluitje van scheids Higler klonk in de lege ruimte scherp en dwingend en vlak naast me hoorde ik de teksten van van collega Jeroen Grueter van Studio Sport overduidelijk.
Jeroen is een fan van Cyril Dessers, dat viel me wel op. Maar de pinchhitter van Feyenoord kreeg de bal er ook niet in, hoewel hij Robin Pröpper, nota bene zijn oud-ploeggenoot van Heracles, merkwaardigerwijs een paar keer te glad af was.
Het bleef 0-0. Opwekkend was het allemaal nauwelijks. In een leeg stadion voetballen, dat is echt geen porem, zeker als de thuisclub qua voetbal ook een behoorlijke leegheid etaleert. En zonder de twaalfde man is zo’n wedstrijd eigenlijk geen wedstrijd. Feyenoord was sterker, maar niet scherp genoeg, FC Twente was absoluut niet in topvorm, sterker nog de ploeg van Jans creëerde niets. Ik zou een paar namen kunnen noemen van spelers die niks toe te voegen hadden aan de ploeg. De enige die een 8 van mij krijgt, is Lars Unnerstall, de keeper.
Niettemin kon ook Feyenoord, net als Ajax en AZ, niet winnen in de Veste.